Zoeken
  • Nickie Maes

Achteruit vooruitgaan.

Bijgewerkt op: 11 mei

10 maart 2021. Het zou een productieve dag worden. Een paar uurtjes werken, een beetje joggen als middagpauze en ’s avonds de akte tekenen voor ons huis. Het leek even alsof er sinds heel lange tijd weer dingen op zijn plooi vielen en dat deed deugd.. voor even dan…


Het ene moment was ik mijn weg nog volop aan het zoeken op het intranet van mijn werk en het volgende moment… complete black-out..


Voor mij leek het alsof ik 2 minuten mijn ogen had dicht gedaan en toen ik ze opendeed merkte ik plots dat mijn vriend overstuur was, mijn laptop was afgepakt en er 4 ambulanciers me stonden aan te staren. “Waarom zijn zij hier? Waarom is mijn laptop weg? Moeten we ons niet klaarmaken om naar de notaris te vertrekken? Gaan we geen huis meer kopen?” Er flitsten zoveel vragen door mijn hoofd, sommige heb ik waarschijnlijk luidop gemompeld, anderen niet.


So this happened (uit perspectief van mijn vriend): “Ik was mijn bad aan het laten vollopen en hoorde ineens een schreeuw. Ik ging naar de bureau en zag dat je een epilepsie aanval had in de bureaustoel. Toen de samentrekkingen gedaan waren, legde ik je op de grond en leek het even of je wilde slapen dus legde ik een deken over je. Maar 5 minuten later werd je wakker, liep je terug rond, maar was je duidelijk verward. Je begon het volgende halfuur allerlei objecten vast te grijpen, je werd kwaad en je wilde je laptop terug. Ik belde naar de huisarts, die raadde aan om naar de neuroloog te bellen en die dienst raadde aan om de spoedafdeling te bellen.”


En zo stonden er dus ineens die ambulanciers in ons bureau terwijl ik dacht dat ik een document aan het zoeken was op het intranet en mijn mailtjes nog moest nakijken. Er werd me uitgelegd dat ik een epilepsie aanval had gehad en dat ze me me liefst toch meenamen naar het ziekenhuis om me na te kijken mits ik zo lang verward bleef.

Langzaam begon het door te dringen en trok ik toch maar mijn schoenen aan en liet ik me dik tegen mijn zin meenemen naar het ziekenhuis. Net als een nukkig kind dat net onterecht berispt werd, zijn knuffelbeer en vieruurtje moet afgeven en de speeltuin moet verlaten.

Eenmaal in het ziekenhuis, kwamen er allerlei slechte gevoelens naar boven en trok mijn maag samen. Ik werd onrustiger met de minuut. Een ziekenhuis is nooit een “walk in the park”. Maar de laatste keer in een ziekenhuis mondde voor mij uit in de situatie waar ik nu al een halfjaar in zit..


Ik was dan ook van plan om zo snel mogelijk proberen weg te geraken. En me geen uren lang te laten creperen in een oncomfortabel ziekenhuisbed met onnoemelijk veel bedrading en apparatuur rond me. Dit keer was ik niet de verwarde, brakke, inmobiele, stille cva-patiënt. Dit keer was ik de verwarde, ongeduldige, mondige epilepsiepatiënt.



Dit keer wist ik dat ik van me moest laten horen, vragen stellen en blijven stellen.

Het ziekenhuispersoneel deed denk ik wel wat ze moesten doen. Ze wilden eerst wat bloedtesten afnemen en bekijken,

neuroloog gaf advies om epilepsiemedicatie te verhogen, hup nog een extra baxter met

een extra shotje epimedica en paracetamol en 4 uur later was ik weer thuis.


Ik kwam opgelucht thuis en rukte bijna fier dat verdomde geplastificeerde papieren ziekenhuisbandje van mijn pols dat me telkens weer herinnert aan mijn naderende “officieel geen twintiger meer”. “Zo, deze keer konden ze me niet meer houden, ha ha”. Dat moment van victorie duurde maar even, want eigenlijk is “the joke on me”… Ik had net een zware epilepsie aanval gehad overdag. Dit is niet langer slaapepilepsie. En dit betekent weer minstens een jaar geen rijbewijs… maar toch wil ik blijven vooruitgaan, al is het met achterwaartse passen..



21 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven

Kerstkoorts