Zoeken
  • Nickie Maes

Marathon mania.

Bijgewerkt op: 11 mei

Het dagelijkse leven is een vaag en ruim begrip (werk, vrije tijd, hobby’s, sociale contacten, ….) en telkens uitleggen of proberen inzien waarom het nu post cva allemaal zoveel moeilijker gaat, is niet simpel. En gezien beeldtaal en vergelijkingen meestal wel helpen om vage zaken uit te leggen, volgt er hier nog eentje…



"Het dagelijkse leven” vergelijk ik voor mij nu met een marathon waarbij ik elke dag opnieuw aan de beginlijn sta en bepaalde etappes af te leggen heb, afhankelijk van dag tot dag, bijvoorbeeld een random thuiswerk dinsdag zonder al te veel extra’s: opstaan, mezelf en de kat eten geven, eerste keer medicatie nemen, mezelf min of meer presentabel maken (lees: kleren aandoen, haar kammen en tanden poetsen. Al het overige heb ik opgegeven), goed proberen doorwerken, die verdomde lakens verversen op bed, nog een werkmeeting, een tweetal uur play doh balletjes kneden, opnieuw groenten leren snijden en core – en squat oefeningen doen op locatie waardoor je 3 dagen niet kan zitten (lees: revalideren), douchen en nadien badkamer opruimen, tweede keer medicatie nemen, eten proberen maken of tafel dekken, misschien tussendoor nog eens privé -en werkmails checken en beantwoorden, een of andere medische administratie opvolgen, misschien snel eens wat WhatsApp berichtjes beantwoorden of in gang zetten om sociale contacten in leven te houden, de kat nog eens eten geven, de keuken opruimen, derde keer medicatie nemen, plannen proberen maken voor de vrijere dagen, checken en luisteren hoe mijn partner zijn dag is geweest, misschien eens wat actualiteit volgen of ontspanning met Netflix, snel wat kaarsen aansteken voor wat gezelligheid, intussen kat en/of partner nog wat aandacht geven, nog eens de keuken opruimen, klaarmaken om te gaan slapen, agenda checken voor de volgende dag, nog een paar pagina’s lezen uit dat boek dat ik vorig jaar al wou uitlezen en dan hopelijk snel slapen.


Ja, ik krijg zelf al terug halve stress terwijl ik dit nog maar uittyp. En hoewel het alledaagse, doodgewone taken zijn die je in volle gewoonte al blindelings en multitaskend kan doen, voor mij zitten alle taken zo in mijn hoofd en moet ik ze telkens zo één voor één afwerken. Met tussendoor al eens een dip of een halve mental breakdown.


Vandaar de vergelijking met een marathon omdat het voornamelijk uithoudingsvermogen, energie en training/gewoonte vergt.

Het is een marathon die ik al mijn hele leven heb gelopen, met soms de nodige obstakels, maar ik liep hem wel iedere keer uit binnen een keurige tijd. Ikzelf én iedereen uit mijn omgeving hebben verwachtingen qua tijd en afstand. Want het ging altijd zo, toch?


Maar nu vertrek ik elke dag met een achterstand. Ik sta klaar aan die start, vol goede moed met iets dat lijkt op energie. En net als het startschot wordt gegeven, word ik tegen gewerkt. Alsof een onzichtbare arm me tegenhoudt, me bij de kraag grijpt… Alsof ik enkele kilometers naar achteren word getrokken, maar waarbij ik wel nog steeds dezelfde tijd en afstand moet lopen als voorheen.


Dat voelt telkens heel onfair en ontmoedigend omdat ik het wel altijd anders heb geweten. Ik weet immers dat ik veel beter kon. En ik wil beter doen, maar ik word tegen gewerkt. Door mijn eigen lichaam dan nog wel.

Constant vertrekken met een achterstand, maar nog steeds hetzelfde willen bereiken, is dan ook compleet onmogelijk.


Maar gelukkig zijn er tijdens marathons ook bepaalde hulpposten die je er mee door kunnen helpen. Voor het medische gedeelte moet ik mijn vertrouwen schenken aan de dokters en therapeuten… Maar voor het dagdagelijkse kan ik gelukkig rekenen op mijn naaste omgeving als een goede opvangpost. En dat apprecieer ik enorm, ook al laat ik dit niet altijd expliciet zien of weten. Misschien moet ik het opnemen als een extra etappe in mijn marathon takenlijst…


En hoewel ik graag iedereen die betrokken is of is geweest de afgelopen maanden, één voor één zou willen bedanken in deze blog, ga ik het deze keer toch houden bij twee mensen in het bijzonder zonder dat we met podiumplaatsen gaan werken (ja, hier stopt de marathonvergelijking.


Pieter, mijn partner waar ik mee samenwoon. Waarom? Omdat hij ondanks alles naast mijn zijde blijft staan, samen met mij (en mede door mij) nog een vrij onzekere toekomst tegemoet zal gaan, me begeleidt bij de zoveelste doktersafspraken overal in Vlaanderen, me wekelijks chauffeurt naar mijn revalidaties, me ondersteunt bij elke tegenslag of moodswing en me dan probeert op te beuren, me probeert te begrijpen (zelfs oncomfortabele duogesprekken aan wil gaan met mijn psycholoog). Kort en bondig: He just has to put up with my shit every single day.



Ook nog een extra dankjewel voor mijn nonkel Bruno. Een nonkel die ik niet veel in real life zie, maar die er wel altijd is. Mijn nonkel die geeft om zijn familie en het hart steeds op de juiste plaats heeft.

Mijn nonkel die me een roeimachine cadeau heeft gedaan. Mede omdat ik al heel veel had duidelijk gemaakt dat het gebrek aan sportmogelijkheden heel hard begon door te wegen.

Ik weet nu zeker wat doen en kan me gaan voorbereiden op de volgende Oxford-Cambridge.


OK, toch nog eindigen met een marathon vergelijking om het af te leren:

Zolang er mensen aan de zijlijn blijven staan, maakt het eigenlijk niet uit hoe of wanneer je uiteindelijk aan de finish geraakt.



28 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven

Kerstkoorts